Afgelopen oktober namen wij tijdens het Klik! Amsterdam Animation Festival deel aan een Up Close and Personal sessie met Tomm Moore, animator en oprichter van Cartoon Saloon studio’s. Hij vertelde over maken van ‘The book of Kells’, zijn eerste film.

THE BOOK OF KELLS

Afgelopen oktober namen wij tijdens het Klik! Amsterdam Animation Festival deel aan een Up Close and Personal sessie met Tomm Moore, animator en oprichter van Cartoon Saloon studio’s. Hij vertelde over maken van ‘The book of Kells’, zijn eerste film. Hoe het zeven jaar duurde, en hoe het hem bijna zijn bedrijf kostte. Toen hij klaar was met zijn verhaal was het tijd voor vragen. Maar de meerderheid van de deelnemers van de sessie gebruikte deze mogelijkheid om aan te geven hoe geweldig ze zijn animatiefilms vonden en hoe de films wereldwijd miljoenen mensen inspireerden.

Op onze beurt geïnspireerd door de adoratie van deze bewonderaars vroegen wij hem hoe we zijn stijl van animeren zouden kunnen inzetten in ons werk. Met inachtneming van een wat snellere doorlooptijd en een wat kleiner budget. Want de combinatie van zijn stijl en een strakke inhoudelijke boodschap kan een enorme gestuurde impact hebben op de maatschappij. Met een animatie kan je bijvoorbeelden mensen op een creatieve manier laten zien wat veel vluchtelingen hebben moeten doorstaan voordat ze aankwamen in Nederland. Het antwoord op onze vraag was lastig. De grootste bottleneck zat volgens hem in de kosten. Maar wanneer je de potentiële collectieve baten daartegen afzet, zouden we daar wat aan moeten kunnen doen.

KUNST EN MAATSCHAPPELIJKE WAARDE

Bijna in elke vorm van kunst zit wel maatschappelijke waarde. Het vakmanschap en de verbeeldingskracht die in ‘The book of Kells’ zijn gaan zitten, kwalificeren deze film direct als een vorm van kunst. Mocht er verder geen enkele maatschappelijke waarde in de film zitten (wat ik niet geloof) dan is de film altijd nog een goede geschiedenisles over de folklore van Ierland.

We beperken ons in dit blog tot de kunst van animatiefilms. Wanneer je kijkt naar de potentie van animatiefilms, is het bijna raar dat de overheid deze nog niet inzet om de maatschappij te sturen. Natuurlijk worden er talloze korte animatiefilms in opdracht van de overheid geproduceerd. Vaak om zaken uit te leggen of om promotie voor iets te maken. Deze films hebben ook zeker hun functie. Sommige animaties benaderen qua vorm zelfs de kunst, maar ze zijn altijd anders ingestoken dan wanneer ze autonoom gemaakt zouden zijn door een kunstenaar.

Een voorbeeld: Op 10 oktober 2014 steekt Athony D., een gepeste jongen van 16, een medescholier dood op een VMBO in Culemborg. De directe reflex van de overheid na zo’n gebeurtenis is het opzetten van een campagne tegen pesten. Er moet voorlichting in de klas gegeven worden, door met jongeren te praten. Samen met de GGD worden programma’s ontwikkeld om te voorkomen dat een soortgelijk incident in de toekomst kan plaatsvinden. De reactie van een kunstenaar zou het maken van een animatiefilm kunnen zijn. In een langdurend creatief proces zet de kunstenaar op een weldoordachte manier goed en kwaad neer, waardoor kinderen op een vermakelijke manier aan het denken worden gezet.

Beide activiteiten hebben hun eigen functie, maar ze zouden elkaars sterke punten kunnen gebruiken. Op 9 april 2015 stond in de Volkskrant een reconstructie van het leven van Anthony D. in aanloop naar de steekpartij (Link 1). Wanneer je de inhoud van dat stuk combineert met de creativiteit van de kunstenaar, dan krijg je de resultaten die de overheid verlangt. De werkelijkheid is vaak oneindig veel complexer dan het verhaal wat de kunstenaar kan vertellen, maar de kunstenaar kan veel meer mensen (intrinsiek) bereiken dan de voorlichting van de overheid. Zo begrijpt iedereen waarom soldaten getraumatiseerd terugkomen uit Irak wanneer ze het volgende stuk animatie uit de documentaire ‘Men in Black’ bekijken.

WAAROM GEBEURT DIT NIET AL?

Er moet een reden zijn waarom de combinatie nog niet vaak is gezocht. Of misschien wordt de combinatie wel vaker gezocht, maar niet vaak gevonden. Een simpele verklaring is de aard van het beestje. De overheid wil de maatschappij sturen, een kunstenaar wil mensen aan het denken zetten. Dat zijn botsende rationaliteiten. Ze denken verschillend. Toch hoeft dat niet uit te sluiten dat ze bij dezelfde producties gebaat zijn. Kijk maar naar bedrijven, die willen winst maken en hebben een heel andere doelstelling en denkpatroon dan de overheid. Wanneer je echter kijkt naar de marketingstrategie van de Amerikaanse restaurantketen Chipotle dan zou de gemiddelde overheid in zijn handjes mogen wrijven met de animaties die zij produceren.

Overigens zie je ook binnen de ontwikkeling van het bedrijf Chipotle al de tegenstrijdigheden van de eigen rationaliteit.

De producties van de verschillende partijen zijn vaak elkaars taak aan het vervullen. Zo gaan kinderen misschien minder snel allerlei voorverpakte fastfood producten eten wanneer ze de animatie van Chipotle hebben gezien (de animatie heeft al bijna 15 miljoen views, over impact gesproken). Als het bedrijven lukt, waarom lukt het de overheid dan niet om die samenwerking te vinden?

PRAKTISCHE BEZWAREN

Er kleven een aantal praktische bezwaren aan de samenwerking tussen de overheid en de animatiekunstenaar. Ten eerste duurt de productie van een echt mooie animatie vaak erg lang. Het produceren van ‘The Book of Kells’ heeft in totaal 7 jaar gekost, waarvan zeker 2 jaar productie. Elk detail moest perfect zijn. Voor de animatie zijn twee ‘background artists’ uit Luxemburg voor 6 maanden naar Ierland verhuisd alleen om inspiratie op te doen, zodat ze vervolgens goed leiding konden geven aan hun team. De productie moest toen nog beginnen. Op de vorm worden geen concessies gedaan. Met zulke productietijden is het lastig om op maatschappelijke trends, laat staan op actualiteiten, in te spelen.

Er kleven een aantal praktische bezwaren aan de samenwerking tussen de overheid en de animatiekunstenaar. Ten eerste duurt de productie van een echt mooie animatie vaak erg lang. Het produceren van ‘The Book of Kells’ heeft in totaal 7 jaar gekost, waarvan zeker 2 jaar productie. Elk detail moest perfect zijn. Voor de animatie zijn twee ‘background artists’ uit Luxemburg voor 6 maanden naar Ierland verhuisd alleen om inspiratie op te doen, zodat ze vervolgens goed leiding konden geven aan hun team. De productie moest toen nog beginnen. Op de vorm worden geen concessies gedaan. Met zulke productietijden is het lastig om op maatschappelijke trends, laat staan op actualiteiten, in te spelen.

HOE KAN HET WEL?

Toch zijn geld en tijd niet het grootste probleem. Het is een kwestie van keuzes maken en bestuurlijk lef. Een goede business casus toont aan dat het bereiken van duizenden mensen met een animatie goedkoper is dan 100 keer een bijeenkomst te plannen.

Maar om een animatie te maken die qua indrukwekkendheid in de buurt komt van die van Tomm Moore moet de overheid bereid zijn financieringsstromen te ontschotten. In de praktijk blijkt dat lastig, maar deze drempel is te overwinnen.

Een grotere uitdaging zit in de samenwerking zelf. Met de klassieke opdrachtgever/ opdrachtnemer verhouding zal de samenwerking namelijk snel stranden. De samenwerking zal in de vorm van een consortium moeten gaan. Op basis van gelijkwaardigheid wordt de inhoud bepaald. Wanneer de kunstenaar niet volledig achter de inhoud staat krijg je niet de kwaliteit die nu juist voor de impact zorgt. Het woord staatspropaganda ligt snel op de loer. Bovendien zal de kunstenaar sneller bereid zijn concessies op te vorm te doen, wanneer hij het maatschappelijk belang van een snelle productie inziet. De overheid zal op zijn beurt de creativiteit van de kunstenaar moeten vertrouwen. Anders komt er te veel overheidsbemoeienis bij het creatieve proces, terwijl daar juist het sterrenstof gestrooid wordt.

Wij dagen graag de overheid uit om een dit een keer te proberen. Gebaande paden los te laten en zich los te maken van de eigen rationaliteit. Als dan de kunstenaar bereid is hetzelfde te doen, kunnen we een mooi resultaat tegemoet zien.

Public Cinema helpt organisaties optimaal te presteren door beeld in te zetten. Op deze kennisbank delen we inzichten die jouw organisatie daarbij kunnen helpen. Neem contact op om eens verder te praten over onze inzichten en jouw organisatie.

MEER LEZEN?

Afgelopen oktober namen wij tijdens het Klik! Amsterdam Animation Festival deel aan een Up Close and Personal sessie met Tomm Moore, animator en oprichter van Cartoon Saloon studio’s. Hij vertelde over maken van ‘The book of Kells’, zijn eerste film.

THE BOOK OF KELLS

Afgelopen oktober namen wij tijdens het Klik! Amsterdam Animation Festival deel aan een Up Close and Personal sessie met Tomm Moore, animator en oprichter van Cartoon Saloon studio’s. Hij vertelde over maken van ‘The book of Kells’, zijn eerste film. Hoe het zeven jaar duurde, en hoe het hem bijna zijn bedrijf kostte. Toen hij klaar was met zijn verhaal was het tijd voor vragen. Maar de meerderheid van de deelnemers van de sessie gebruikte deze mogelijkheid om aan te geven hoe geweldig ze zijn animatiefilms vonden en hoe de films wereldwijd miljoenen mensen inspireerden.

Op onze beurt geïnspireerd door de adoratie van deze bewonderaars vroegen wij hem hoe we zijn stijl van animeren zouden kunnen inzetten in ons werk. Met inachtneming van een wat snellere doorlooptijd en een wat kleiner budget. Want de combinatie van zijn stijl en een strakke inhoudelijke boodschap kan een enorme gestuurde impact hebben op de maatschappij. Met een animatie kan je bijvoorbeelden mensen op een creatieve manier laten zien wat veel vluchtelingen hebben moeten doorstaan voordat ze aankwamen in Nederland. Het antwoord op onze vraag was lastig. De grootste bottleneck zat volgens hem in de kosten. Maar wanneer je de potentiële collectieve baten daartegen afzet, zouden we daar wat aan moeten kunnen doen.

KUNST EN MAATSCHAPPELIJKE WAARDE

Bijna in elke vorm van kunst zit wel maatschappelijke waarde. Het vakmanschap en de verbeeldingskracht die in ‘The book of Kells’ zijn gaan zitten, kwalificeren deze film direct als een vorm van kunst. Mocht er verder geen enkele maatschappelijke waarde in de film zitten (wat ik niet geloof) dan is de film altijd nog een goede geschiedenisles over de folklore van Ierland.

We beperken ons in dit blog tot de kunst van animatiefilms. Wanneer je kijkt naar de potentie van animatiefilms, is het bijna raar dat de overheid deze nog niet inzet om de maatschappij te sturen. Natuurlijk worden er talloze korte animatiefilms in opdracht van de overheid geproduceerd. Vaak om zaken uit te leggen of om promotie voor iets te maken. Deze films hebben ook zeker hun functie. Sommige animaties benaderen qua vorm zelfs de kunst, maar ze zijn altijd anders ingestoken dan wanneer ze autonoom gemaakt zouden zijn door een kunstenaar.

Een voorbeeld: Op 10 oktober 2014 steekt Athony D., een gepeste jongen van 16, een medescholier dood op een VMBO in Culemborg. De directe reflex van de overheid na zo’n gebeurtenis is het opzetten van een campagne tegen pesten. Er moet voorlichting in de klas gegeven worden, door met jongeren te praten. Samen met de GGD worden programma’s ontwikkeld om te voorkomen dat een soortgelijk incident in de toekomst kan plaatsvinden. De reactie van een kunstenaar zou het maken van een animatiefilm kunnen zijn. In een langdurend creatief proces zet de kunstenaar op een weldoordachte manier goed en kwaad neer, waardoor kinderen op een vermakelijke manier aan het denken worden gezet.

Beide activiteiten hebben hun eigen functie, maar ze zouden elkaars sterke punten kunnen gebruiken. Op 9 april 2015 stond in de Volkskrant een reconstructie van het leven van Anthony D. in aanloop naar de steekpartij (Link 1). Wanneer je de inhoud van dat stuk combineert met de creativiteit van de kunstenaar, dan krijg je de resultaten die de overheid verlangt. De werkelijkheid is vaak oneindig veel complexer dan het verhaal wat de kunstenaar kan vertellen, maar de kunstenaar kan veel meer mensen (intrinsiek) bereiken dan de voorlichting van de overheid. Zo begrijpt iedereen waarom soldaten getraumatiseerd terugkomen uit Irak wanneer ze het volgende stuk animatie uit de documentaire ‘Men in Black’ bekijken.

WAAROM GEBEURT DIT NIET AL?

Er moet een reden zijn waarom de combinatie nog niet vaak is gezocht. Of misschien wordt de combinatie wel vaker gezocht, maar niet vaak gevonden. Een simpele verklaring is de aard van het beestje. De overheid wil de maatschappij sturen, een kunstenaar wil mensen aan het denken zetten. Dat zijn botsende rationaliteiten. Ze denken verschillend. Toch hoeft dat niet uit te sluiten dat ze bij dezelfde producties gebaat zijn. Kijk maar naar bedrijven, die willen winst maken en hebben een heel andere doelstelling en denkpatroon dan de overheid. Wanneer je echter kijkt naar de marketingstrategie van de Amerikaanse restaurantketen Chipotle dan zou de gemiddelde overheid in zijn handjes mogen wrijven met de animaties die zij produceren.

Overigens zie je ook binnen de ontwikkeling van het bedrijf Chipotle al de tegenstrijdigheden van de eigen rationaliteit.

De producties van de verschillende partijen zijn vaak elkaars taak aan het vervullen. Zo gaan kinderen misschien minder snel allerlei voorverpakte fastfood producten eten wanneer ze de animatie van Chipotle hebben gezien (de animatie heeft al bijna 15 miljoen views, over impact gesproken). Als het bedrijven lukt, waarom lukt het de overheid dan niet om die samenwerking te vinden?

PRAKTISCHE BEZWAREN

Er kleven een aantal praktische bezwaren aan de samenwerking tussen de overheid en de animatiekunstenaar. Ten eerste duurt de productie van een echt mooie animatie vaak erg lang. Het produceren van ‘The Book of Kells’ heeft in totaal 7 jaar gekost, waarvan zeker 2 jaar productie. Elk detail moest perfect zijn. Voor de animatie zijn twee ‘background artists’ uit Luxemburg voor 6 maanden naar Ierland verhuisd alleen om inspiratie op te doen, zodat ze vervolgens goed leiding konden geven aan hun team. De productie moest toen nog beginnen. Op de vorm worden geen concessies gedaan. Met zulke productietijden is het lastig om op maatschappelijke trends, laat staan op actualiteiten, in te spelen.

Er kleven een aantal praktische bezwaren aan de samenwerking tussen de overheid en de animatiekunstenaar. Ten eerste duurt de productie van een echt mooie animatie vaak erg lang. Het produceren van ‘The Book of Kells’ heeft in totaal 7 jaar gekost, waarvan zeker 2 jaar productie. Elk detail moest perfect zijn. Voor de animatie zijn twee ‘background artists’ uit Luxemburg voor 6 maanden naar Ierland verhuisd alleen om inspiratie op te doen, zodat ze vervolgens goed leiding konden geven aan hun team. De productie moest toen nog beginnen. Op de vorm worden geen concessies gedaan. Met zulke productietijden is het lastig om op maatschappelijke trends, laat staan op actualiteiten, in te spelen.

HOE KAN HET WEL?

Toch zijn geld en tijd niet het grootste probleem. Het is een kwestie van keuzes maken en bestuurlijk lef. Een goede business casus toont aan dat het bereiken van duizenden mensen met een animatie goedkoper is dan 100 keer een bijeenkomst te plannen.

Maar om een animatie te maken die qua indrukwekkendheid in de buurt komt van die van Tomm Moore moet de overheid bereid zijn financieringsstromen te ontschotten. In de praktijk blijkt dat lastig, maar deze drempel is te overwinnen.

Een grotere uitdaging zit in de samenwerking zelf. Met de klassieke opdrachtgever/ opdrachtnemer verhouding zal de samenwerking namelijk snel stranden. De samenwerking zal in de vorm van een consortium moeten gaan. Op basis van gelijkwaardigheid wordt de inhoud bepaald. Wanneer de kunstenaar niet volledig achter de inhoud staat krijg je niet de kwaliteit die nu juist voor de impact zorgt. Het woord staatspropaganda ligt snel op de loer. Bovendien zal de kunstenaar sneller bereid zijn concessies op te vorm te doen, wanneer hij het maatschappelijk belang van een snelle productie inziet. De overheid zal op zijn beurt de creativiteit van de kunstenaar moeten vertrouwen. Anders komt er te veel overheidsbemoeienis bij het creatieve proces, terwijl daar juist het sterrenstof gestrooid wordt.

Wij dagen graag de overheid uit om een dit een keer te proberen. Gebaande paden los te laten en zich los te maken van de eigen rationaliteit. Als dan de kunstenaar bereid is hetzelfde te doen, kunnen we een mooi resultaat tegemoet zien.

Public Cinema helpt organisaties optimaal te presteren door beeld in te zetten. Op deze kennisbank delen we inzichten die jouw organisatie daarbij kunnen helpen. Neem contact op om eens verder te praten over onze inzichten en jouw organisatie.

MEER LEZEN?

Leave a Reply